Een school, twee stoepranden, en een ouder in een opvallend hesje dat kinderen naar de overkant helpt. De klaar-over. Toch een fenomeen, voor wie het woord kent. Zelfs Jip en Janneke zijn ooit klaar-over geweest. Maar het woord raakt langzaamaan in onbruik, signaleerden twee sportschoolvrienden een paar jaar geleden al. Het werd het begin van een bijzonder project. "Echt een bladerboekje."
Die twee vrienden zijn Andreas Naber, een bekende door zijn werk als journalist, uitgever en spinninginstructueur, en oud-basisschooldirecteur Koert de Groote. "Die keeper? Moeten ze vanaf hoor", daarover zijn de Alkmaarders het eens. Hun gesprek gaat al heel snel over voetbal, dan weer over oude woorden, dan weer over de actualiteit. Het is duidelijk: deze mannen hebben aan een half woord genoeg.
"Jij bent eigenlijk mijn inspiratiebron", zegt Andreas tegen Koert als ze samen op de redactie van Streekstad Centraal langskomen om het boekje af te geven. "Leuk hè?" (tekst gaat door onder de foto)
Hulp bij het oversteken bestaat nog, maar klaar-over zeggen we te weinig, vinden de schrijvers (foto: Streekstad Centraal)'Vermoorde Woorden' heet het boekwerk. Het staat vol woorden waar het leven langzaam uit lijkt te vloeien, maar de twee vrienden hopen dat lezers ze toch weer meer gaan gebruiken. "Maar het is niet belerend bedoeld", relativeert Koert. "Mensen reageren soms wel: je bent een beetje een schoolmeester. Nou ja, dat kan ik ook weer niet ontkennen."
Van petoet tot potjandosie. Van woelwater tot droogstoppel. Van tieren tot konkelefoezen. Het zijn typische 'o ja'-woorden. "We wilden niet dat het alleen maar woorden zouden zijn die mensen moeten opzoeken. Het is juist leuk als lezers denken: hee, dat woord ken ik", legt Koert uit. Daarom zou het boek ook juist zo geschikt zijn voor basisscholen, denkt hij: het is ook voor de jonge generatie nog herkenbaar.
"Mijn dochters zijn onder de dertig. Heel ontwikkeld hoor. Een ideaal testpubliek, als ijkpunt", vult Andreas aan. "Ze bleken toch best wat van die woorden helemaal niet te kennen. Nou, dan ik ze dus dit boekje geven." (tekst gaat door onder de foto)
Koert (links) en Andreas bléven elkaar maar 'vermoorde woorden' appen (foto: Streekstad Centraal)Al jaren appten Koert en Andreas woorden naar elkaar. Die appgesprekken werden de basis van het boek. "Nadat ik was gestoopt met werken ben ik er echt voor gaan zitten", vertelt Koert. "Die woorden in een lijst zetten. Ik begon met 3.709 woorden maar daar zaten nog dubbele tussen. Sommige hadden we wel zeven of acht keer heen-en-weergestuurd, achteraf." In stappen werd de lijst korter, beter, urgenter.
De woorden komen van overal. Het is duidelijk dat we de taal hier bekijken door de ogen van Koert en Andreas. Sommige woorden zijn echt Noord-Hollands, zoals glauwen, of buultje. Anderen verwijzen direct of indirect naar hun gedeelde passie, de voetballerij. Hoe een speler gesneefd kon zijn, als anderen hem aan het mangelen waren. Of hoe ze zelf aan 'stoepranden' deden toen de straten nog zonder auto's waren.
"Het is puur hobby geweest", zegt Andreas erover. "Weet je, dat boekje, ik hoef er geen geld aan te verdienen ook. De vraagprijs is een tientje. Wel met een harde kaft, dat wel." Zijn favoriete woord? Noest. Want noeste arbeid telt. Het boek kan worden besteld via
