Nico Papineau Salm, voorzitter van De Hollandsche Molen, bezocht vorige week de 50ste molen van zijn 100-molenstour. Salm was te gast bij de Wimmenumer Molen in Egmond aan den Hoef en werd ontvangen door molenaar Eric Zwijnenberg. Zwijnenberg is een van de oprichters van Het Gilde van Vrijwillige Molenaars dat dit jaar 50 jaar bestaat. Hij sprak met enkele jonge molenaars in opleiding, Stan Baltus en Sharon Engers, en met molenliefhebber Bauke Hobbs over de toekomst van het molenaarsambacht. Met de molenaar sprak de voorzitter over de oprichting van Het Gilde.

Het gesprek met de jonge aspirant-molenaars verliep geanimeerd. Ter sprake kwamen de opleiding zelf, hun toekomstvisie richting het werken met molens en hoe er meer jongeren bij molens kunnen worden betrokken. De jongeren gaven aan dat de belangstelling voor molens onder hun leeftijdsgenoten groeit. Verder hadden zij ideeën over hoe je het ambacht en de opleiding tot vrijwillige molenaar voor jongeren aantrekkelijker kunt maken, bijvoorbeeld door de opleiding in modules aan te bieden. “Haak in op technische opleidingen, verzorg gastlessen op scholen etcetera. Wij jongeren kunnen bovendien via social media een belangrijke rol vervullen in de promotie van het molenaarsambacht. Sommige mensen weten niet eens dat er een molenaarsopleiding bestaat.”

De voorzitter begon op 20 juni 2020 aan zijn uitdaging in de aanloop naar het 100-jarig bestaan van De Hollandsche Molen in 2023 – op uitnodiging – 100 molens te bezoeken. Dit doet hij uitsluitend per trein en fiets. Met zijn bezoekserie vraagt hij aandacht voor het belang van de molens, de noodzaak voor goed molenbehoud en het werven van nieuwe molenaars. Hij gaat in gesprek met molenaars, molenvrijwilligers en lokale belanghebbenden, zoals vertegenwoordigers van gemeenten.
Pin It